Javascript must be enabled for the correct page display

Het Geestelijk Welbevinden van Pabo-studenten

Schonewille, Tanuj J.C. (2017) Het Geestelijk Welbevinden van Pabo-studenten. Master thesis, Master Geestelijke Verzorging.

[img]
Preview

1617-GV Schonewille, TJ, Ma-scriptie.pdf

Download (3MB) | Preview

Abstract

Veel Hbo-studenten, en in het bijzonder pabo-studenten, worstelen met motivatieproblemen met als gevolg dat deze studenten studievertraging oplopen en/of uiteindelijk stoppen met de studie. Om dit te voorkomen is het tijdig signaleren van deze studieproblematiek noodzakelijk. De focus ligt binnen de pabo-onderwijsstructuur vooral op het competentiegericht onderwijs, waarbij het vormingstraject van student naar professional gericht is op cognitieve resultaten. De vraag is in hoeverre dit competentiegericht onderwijs bij de belevingswereld van de student, in diens vormingstraject tot leraar, aansluit. De belevingswereld is wat zich afspeelt aan gevoelens, wensen, verlangens en gedachten bij een student; dit komt binnen het vormingstraject weinig aan bod. Een oorzaak kan het vormingstraject zijn, zoals de pabo dit uitvoert. Dit sluit onvoldoende aan bij de innerlijke belevingswereld van de individuele student. Een gevolg hiervan is, dat de student zich niet gehoord en gezien voelt binnen de opleiding. Dit heeft een nadelig effect op het geestelijk welbevinden (niet lekker in je vel zitten, faalangst, stress, vermoeidheid, geen motivatie, depressieve gevoelens, machteloosheid, onrust, angsten enz.) van de student. Het blijkt dat de student, die in een persoonlijke groei- en ontwikkelingsproces zit, nog niet in staat is om zichzelf uit deze geestelijke welzijnsproblematiek te halen en daarmee uit de motivatieproblematiek. Of andersom, dat de student zelf nog niet vroegtijdig om kan gaan met deze studie motivatieproblematiek en daarmee belandt in een geestelijk negatief welbevinden. Kortom, de student heeft enige ondersteuning nodig vanuit de opleiding. De hulpbronnen, die door de opleiding worden aangeboden, zoals een studentenpsycholoog, decaan of de supervisor, lijken onvoldoende aan te sluiten bij de behoefte van de student, waardoor de student als het ware op zichzelf staat. Voor de student is het van belang om door zelfreflectie te leren omgaan met de situatie. Met andere woorden: het stimuleren van het zelf reflecterend vermogen kan de student in staat stellen om de eigen motivatieproblematiek inzichtelijk te maken. Vastzittende structuren kunnen worden herkend en opgelost. De zelfconfrontatiemethode (ZKM) van Hermans kan uitkomst bieden. De student leert middels het eigen levensverhaal te reflecteren op zichzelf. Onderliggende persoonlijke waarden, betekenissen en verbanden worden herkend vanuit de eigen biografie. De student brengt deze 6 in relatie met het studietraject en vormt daarmee de professionele biografie. Oftewel, door zichzelf te leren kennen en daarmee ook de innerlijke motivatiestructuren en drijfveren, gaat de student deze koppelen aan de eigen professionele identiteit. Daarbij kan de normatieve professionaliteit verder worden onderzocht. Idealiter zou het voor het positief geestelijk welzijn voor de student van waarde kunnen zijn om binnen het vormingstraject tot beroepsmatige professional, het normatieve professionele aspect (normatieve professionalisering) mee te krijgen in het huidig competentiegericht onderwijssysteem, waardoor de identiteit en belevingswereld, gekoppeld aan diens waarden van de individuele student, een plaats krijgt in het vormingstraject tot professional. Hierdoor kunnen beide vormingstrajecten – die van de onderwijsinstelling (competentiegericht) en die van de student zelf (met de innerlijke belevingswereld en persoonlijkheid) – tot professional beter op elkaar aansluiten. De student is dan in staat om de opleiding met zo min mogelijk studie motivatie problemen en zo veel mogelijk geestelijk welbevinden tijdig af te ronden binnen het competentiegericht onderwijs van de pabo- opleiding. Het doel van dit onderzoek is om te onderzoeken of het aanbieden van geestelijke begeleiding middels de ZKM binnen een Hbo-onderwijsinstelling, in dit geval de pabo-opleiding, het welzijn van studenten kan beïnvloeden. Tevens zal in dit onderzoek gekeken worden naar hoe de invloed van reflectie op het formuleren van de (professionele) biografie doorwerkt op het geestelijk welbevinden van de pabostudent in het vormingstraject tot leraar primair onderwijs. In fase 1 zal het geestelijk welbevinden bestaande uit emotioneel, sociaal en psychologisch welbevinden, onder pabo dagstudenten (jaar 1 t/m 4 en uitloop) in kaart worden gebracht. Dat laatste wordt gerealiseerd middels het invullen van de Mental Health Continuum Short Form (MHC-SF) vragenlijst. Met de resultaten uit deze nulmeting komen studenten met een laag geestelijk welbevinden in zicht. Uit de nulmeting zullen in fase 2 twee soorten groepen (interventiegroep en controlegroep) met een laag welbevinden worden geselecteerd: A- interventiegroep- studenten met een laag welbevinden, waarmee een ZKM-interventie zal worden uitgevoerd, en B- een controlegroep (studenten met een laag welbevinden zonder ZKM- afname). De interventiegroep start vervolgens met een ZKM-traject, bestaande uit; 7  Het voorgesprek/intake,  Het zelfonderzoek, waaronder: - Het formuleringsgesprek (formuleren van waardegebieden), - Het scoren van de gevoelens (door de cliënt), - Het ver- en bewerken van de gegevens,  Het tweede gesprek (de bespreking van de scores). Na afronding van fase 2 zal in fase 3 een eindmeting plaatsvinden. Beide groepen, de interventie- en controlegroep, zullen wederom de MHC-SF vragen invullen, waarna gekeken wordt of er bij de ZKM-interventiegroep een verandering is opgetreden ten aanzien van het geestelijk welbevinden. Deze manier van onderzoek geeft een voorzichtige conclusie van een positief resultaat op het geestelijk welbevinden van de pabo-student. Op basis van dit onderhavige onderzoek is onder andere de aanbeveling om een gestructureerde reflectiemethode in te zetten op grond van een narratieve benadering.

Type: Thesis (Master)
Supervisors (RUG):
SupervisorE-mailTutor organizationTutor email
Hijweege-Smeets, N.M.N.M.Hijweege-Smeets@rug.nl
Avest, M. term.ter.avest@umcg.nl
Degree programme: Master Geestelijke Verzorging
Academic year: 2016- 2017
Date of delivery: 10 Nov 2017
Last modified: 03 Feb 2026 11:16
URI: https://rcs.studenttheses.ub.rug.nl/id/eprint/302
Actions (requires login)
View Item View Item